zondag, oktober 30, 2011

Het valt amper te geloven, maar ondanks de oorverdovende stilte die hier recentelijk niet te horen was, zijn er nog altijd mensen die hier geregeld langskomen. En dat moet beloond worden.

Door nog wat oorverdovende stilte.

donderdag, oktober 06, 2011

Het voelt vreemd om na lange tijd meer dan 1 zin te typen, dus hou ik het hier maar bij.

zaterdag, september 17, 2011

zaterdag, juni 25, 2011

Ja, ik had me beter mogen informeren vooraleer ik een jaar lanterfantend door de wijde wereld trok, want in tegenstelling tot dat lanterfanten, is wat er na het thuiskomen gebeurt geen pretje.

Er tuimelen allemaal rare gedachten in mijn hoofd, van de stress en vermoeidheid zit ik met een rare zenuwtik aan mijn ogen, en ik ben afelopen maandag of dinsdag verloren in mijn herinneringen. Weg is die dag. Omwille van de decompressie en de daaropvolgende depressie doe ik niks meer, en als ik dan toch iets doe, is het zomaar, voor de lol, ik moest daar helemaal niet zijn, in de spits over het viaduct van Vilvoorde gaan rijden.

Maar het komt allemaal wel goed, ik heb majorettes gezien.


Ik wist niet dat dat nog bestond...

maandag, juni 06, 2011

Het plan was om het voorbije weekend 3 dagen te mountainbiken in de streek rond Gap. Dat is nog niet echt de Hautes Alpes, maar het scheelt niet veel. Ik had wel gehoord dat dat een marathon mountain bike tocht was, maar ik heb een maand of twee geleden toch door Nieuw Zeeland gefietst, over berg en door dal, dus dat mocht geen probleem zijn.

De naam van de tocht was Chemins Du Soleil, en in tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, was er geen slecht-weer-geld-terug-garantie bij de chemins. Laat het het voorbije weekend overal in Frankrijk warm en zonnig geweest zijn, daar was in de streek rond Villard de Lans en Gap weinig van te merken. Het was er koud, guur en nat.

Daarbovenop komt dat ik geen mountainbiker ben. Ik rij wel eens op de koersfiets, maar op een mountain bike word ik liever niet gezien. Maar voor een weekend wou ik ik dat mountainbiken het voordeel van de twijfel geven.

Ik was dus in de veronderstelling dat ik een weekend ging mountainbiken. Wat bij mijn weten nog altijd een soort van fietsen was. De eerste dag stond er een tocht van 100km op het programma, met een 3000 hoogtemeters, en ik was met de instelling vertrokken dat dat geen wandeling in het park zou zijn. Groot was mijn verbazing dat het eigenlijk wel een wandeling in het park bleek te zijn. Zij het in een groot park, de Alpen en het stuk er voor zijn niet te vergelijken met ons Zonienwoud, en zij het een extreem lastige wandeling. Wanneer het bergop begon te gaan, stapte iedereen fluks van zijn fiets, en klauterde naast zijn fiets omhoog. Ik geef toe, mijn conditie was niet al te denderend na twee maand in de Aziatische zon, en als ik heel eerlijk ben, ik kan eigenlijk niet zo goed sturen, zeker niet als er glibberige, natte rotsen op het parcours liggen. Ik zat bijgevolg ergens achteraan het deelnemersveld. Maar als niet mountainbiker reed ik vaker op mijn fiets dan mijn lotgenoten in het achterste van de tocht. Het was een voor mij goed bewaard geheim dat mountainbiken in de bergen voor de helft uit wandelen bestond. En laat ik nu net niet graag wandelen.

Dan waren er nog stroken waar de modder zich vastzoog in je wielen, derailleur en remmen. Waar je opnieuw mocht afstappen. Mijn remmen waren geen schijfremmen, maar van die Magura oliedruk remmen, en ik heb van 't weekend geleerd dat je absoluut schijfremmen nodig hebt in de Alpen als het wat nat is. Want normaal rij ik graag naar beneden, maar dat werd nu door de gladheid en mijn remmen een ware calvarie tocht. In de modder verzamelden mijn remmen die modder, alsof het een mooi souvenir was om mee naar huis te nemen. Dat fietsen er door onmogelijk werd, daar hielden ze geen rekening mee. Op het einde van de dag stonden mijn kuiten vol schrammen van mijn pedalen en andere uitsteeksels, en ik ben drie keer gevallen. Huilen heb ik nog net niet gedaan, maar het scheelde niet veel.

Kort samengevat, het weer was niet goed, ik mocht wandelen als het omhoog ging, wandelen als het modder was, en tot kramp in mijn handen toe remmen als het naar beneden ging. Het was eigenlijk nooit plezant. Op het einde van de dag was ik dan ook nog eens zo vermoeid dat ik moest opletten om niet in het ravijn te belanden. Waarbij de mogelijkheid duidelijk werd gemaakt door 2 van mijn collega's in het ravijn te zien liggen. Gelukkig hadden die niks, eentje heb ik er nog mee helpen uithalen, maar mooi om te zien was het niet.

Ik lieg eigenlijk een beetje als ik zeg dat er voor mij niks plezant was. De laatste 18 km waren hoofdzakelijk over de weg en wat karresporen, en gingen lichtjes naar beneden, en dat vond ik dan wel weer fijn. Het zal wel mijn koersfietsbloed zijn. Als ik ga fietsen fiets ik graag, wandelen komt daarbij vaak op het tweede plan.

Met dat het niet aangenaam voor me was, en het gevaarlijk was op de afdalingen, heb ik beslist om dag 2 en 3 aan me voorbij te laten gaan. Ik ben gewoonweg niet goed genoeg als mountainbiker, en het zou in een lelijk accident kunnen eindigen als ik verder had gefietst. Het zou waarschijnlijk wel anders geweest zijn als het mooi weer was geweest en het parcours droog.

Om op een positieve noot te eindigen, je hebt fantastische uitzichten tijdens de tocht, en de organisatie van de chemins is dik in orde. Alles is goed bewegwijzerd, bij gevaarlijke punten staan er mensen om je te waarschuwen, de bevoorradingen zijn super, en de sfeer onder de fietsers is fantastisch. Mountainbikers blijken vriendelijke mensen te zijn. Wie had dat gedacht?

Ik heb alvast geleerd dat je in de Alpen absoluut een mountainbike met schijfremmen nodig hebt, en dat je best wat berg ervaring hebt voor je aan zo'n driedaagse tocht als de chemins du soleil begint. Nooit ben je te oud...

vrijdag, mei 27, 2011

Ik ben ondertussen een weekje terug in Belgie, en het minste wat ik er van kan zeggen, is dat het koud en mottig is vandaag. Ik ben nog altijd niet helemaal genezen van mijn ziekte die ik opgelopen heb in Vietnam, maar het gaat al beter, en volgens mijn bloedonderzoek heb ik geen vieze tropische ziekte opgelopen, en is er ook geen parasiet die me van binnenuit spier per spier, ingewand per ingewand, aan het opeten is. Ondanks het feit dat de locale insectenpopulatie in Azie, en al zeker de muggen, me sympathiek vond. Ik was al blij dat iemand me sympathiek vond.

Gisteren ben ik op werkbezoek gegaan, en ik ga zelfs vroeger dan gepland terug beginnen werken. Normaal was dat gepland voor 1 juni, maar nu is het 30 mei geworden. Sommigen vroegen zich af wie ik was, en of ik hersenschade had opgelopen. Vooral wanneer ik hen zei dat ik er naar uitkeek om terug te beginnen werken. En nu begin ik zelfs 2 dagen vroeger dan gepland.

Maar dat is vooral om vanaf de 2de juni 3 dagen in het zuiden van Frankrijk te kunnen gaan mountainbiken. Om serieus af te zien, door van Villard de Lans naar Gap te fietsen, op wegen van zonneschijn.

Dus geen paniek, alles komt goed.

woensdag, mei 18, 2011

Ik heb met haaien gezwommen, ik heb op olifanten gereden. Ik heb krokodillen in de ogen gekeken, ik ben gebeten door zandvliegen. Het kon omgekeerd geweest zijn, maar gelukkig was het dat niet. Ik heb kriskras door Europa gefietst, ik heb Nieuw Zeeland van noord naar zuid doorfietst. Ik ben op het dak van de wereld geweest, ik heb Uluru gezien. Ik heb wonderen van de natuur gezien, bergen, dalen, watervallen, kliffen, tot vervelens toe. Ik heb tempels gezien, ik heb paleizen gezien. Ik heb karstpieken beklommen, ik heb op scooters rondgecrossed. Ik heb prachtige live optredens gezien, ik heb cultureel verantwoorde dansen gezien. Ik heb zeeen overgestoken op schepen, ik heb op een bamboe vlot gedobberd. Ik heb in warmwaterbronnen gesudderd, ik heb in de koude zee gezwommen. Ik heb gelachen tot het pijn deed, ik ben triest geweest, Ik ben wit geweest, ik ben bruin geweest, maar ik ben vooral verbrand geweest. Ik heb teveel voor zaken betaald, ik heb belachelijk weinig voor dingen betaald. Ik ben miljonair geweest, ik ben straatarm geweest. Ik ben op bedevaart geweest, ik ben op het nippertje aan natuurrampen ontsnapt. Ik ben uitgerust geweest, ik ben vooral moe geweest. Ik heb de zon zien zakken in de zee, ik heb de zon zien opkomen uit de zee. Ik ben interessante mensen tegengekomen, ik ben mooie mensen tegengekomen, ik ben zonderlinge mensen tegengekomen. Ik heb lekkere dingen gegeten, ik heb rare dingen gegeten. Rare dingen hebben geprobeerd mij te eten. Ik heb met mes en vork gegeten, ik heb met eigengemaakte chopsticks gegeten. Ik heb in de jungle geslapen, ik heb in royale hotels geslapen. Ik heb kokosmelk vers van de boom gedronken, ik heb illegaal gestookte rijstwijn gedronken. Ik ben actief geweest, ik ben passief geweest. Ik heb overal pijn gehad, ik ben totaal relaxed geweest.

Het is mooi geweest, maar nu is het tijd om terug naar huis te gaan.

Tot binnenkort.

maandag, mei 16, 2011

Die klojo's van jetstar hebben het weer voor elkaar gekregen.

De laatste keer dat ik met hen vloog, was de piloot vermist, had mijn vlucht daardoor uren vertraging, en heb ik mijn connectie in Singapore gemist. Ik heb ook nog altijd geld van hen tegoed van een refundable ticket dat ik 4 maanden geleden geannuleerd heb. Ze hebben me voor de zoveelste keer beloofd dat ze het me gaan terugstorten, maar tot nu toe noppes. Maar ze hadden me een voucher gegeven voor alle problemen van de laatste keer, dus heb ik nog maar eens een vlucht bij hen geboekt.

In plaats van in mijn vliegtuig op weg naar Hong Kong zeg ik in een hotel in Ho Chi Minh. Het vliegtuig wou niet meer remmen. Nu is dat niet zo essentieel als niet meer willen vliegen, maar het is toch reden genoeg om op een ander vliegtuig te wachten.

Het ziet er nu naar uit dat ik om 1 uur 's nachts vertrek. Zucht. Klojo's.

maandag, mei 09, 2011

Lap. Het moest er eens van komen. Je kan niet in tropische landen rondhuppelen zonder de vlooien te krijgen, en de laatste 2 dagen ben ik in plaats van op het strand te liggen bedlegerig geweest. Alles doet pijn, ik hoest als een oude mijnwerker, mijn keel voelt als een rasp, en ik weet hoe een kokende patat zich moet voelen.

Het gaat al wat beter, en ik hoop dat ik voor de laatste dagen terug beter ben, en nog iets kan doen.

Groetjes uit Nha Trang, Vietnam!

vrijdag, mei 06, 2011

Uiteindelijk ben ik na lang wachten toch in Vietnam, Nam voor de vrienden en de acteurs in Tour of Duty, geraakt. Ver was dat niet, Vinh is de eerste plaats waar ik gestopt ben, en het is hier een beetje surrealistisch. Er is niks. Een winkel waar je eten kan kopen of een restaurant hebben ze hier niet echt. En iedere winkel is een gsm winkel. En er zijn er veel, heel veel. Iedere tweede huis herbergt een gsm winkel. Er zijn honderden gsm winkels, ik vermoed dat het een witwas operatie is van de Vietnamese mafia. Niemand heeft zoveel gsm's nodig. Er is ook een reisagentschap, en bij hen heb ik me laten gelden door hun glazen toonbank te breken. Door er met mijn lomp, kapitalistisch lichaam in dit socialistisch werkersparadijs over te hangen.

Dat er geen restaurants zijn, dat is eigenlijk feitelijk gelogen, je hebt een aantal plaatsen waar je noedels kan eten, en er is 1 restaurant waar ze iets anders dan noedels hebben. De mensen zijn hier supervriendelijk, en dat is wat anders dan wat de meeste mensen me vertelden over Vietnam. Als je hier over straat loopt, zegt de helft van de lokale bevolking hello tegen je, zonder dat ze je iets willen verkopen, aansmeren of verpatsen. Er zijn hier amper toeristen, behalve mij niemand, misschien heeft dat er iets mee te maken.

In Nam binnengeraken was niet simpel, ik moest in Laos 5 dagen wachten op mijn visa, en aan de grens bleek je nog eens 1 dollar te moeten betalen om een stempel in je paspoort te krijgen. Ik had echter geen dollars, geen Laotiaanse kips, geen Vietnamese Dongs, en ik was niet van plan om te betalen. Er waren ook een paar andere toeristen, en die wilden ook niet betalen voor een stempel. Totdat er een toch betaalde, en de rest zijn dollars bovenhaalde. Daar stond ik als laatste van de overgebleven toeristen. Gelukkig had ik nog een paar waardeloze vervallen oude Maleisische Ringits, en daarmee kon ik de stempel betalen. Bleek dat je veel kreeg voor je dollar, 3 nieuwe stempels in mijn paspoort. Woehoe.

Mijn reis loopt op zijn laatste loodjes, en veel van Vietnam zal ik niet meer zien. Straks gaat het naar Da Nang, of misschien Hoi An, dan volgt nog Nha Trang om te duiken, en via Ho Chi Minh, Saigon in een vorig leven, zal het naar Hong Kong en vervolgens naar huis gaan. Als er iemand nog wat elektronische gadgets nodig heeft, laat het me weten, en ik breng het mee uit Hong Kong. Voor een vriendenprijsje...

maandag, mei 02, 2011

De officiele naam van Laos is Laos People Democratic Republic ofte afgekort ook LPDR. Kwatongen beweren dat LPDR staat voor Lao Please Don't Rush. Je spreekt Laos uit als Lao, en men is hier communistisch. De rode vaan met hamer en sikkel wappert hier broederlijk naast de Laotiaanse vlag, ook al heeft Laos sinds 2010 een stock market. Waar gaat dat heen met communistische republieken van het volk, als ze een beurs hebben vraag je je af, en wel, ik kan je zeggen waar het heen gaat. Het worden kapitalistische, reactionaire zwijnen, vijanden van het volk.

Ook al worden ze hier vijanden van het volk, toch zijn Laotianen nog altijd gemoedelijke mensen, die met niks vooruit te branden zijn. Wat goed is als je op vakantie bent, wat minder is als je het land wil verlaten. Sinds een paar dagen wil ik doorreizen naar Vietnam. Ik heb extra betaald om een visa voor Nam in 1 dag te krijgen, wat betekent dat ik er 6 dagen op moet wachten. Weekend en zo, en 1 mei, dag van de arbeid, wat hier niet in 1 dag maar in een paar dagen wordt gevierd. Zo gaat dat in communistische landen, ook al hebben ze zich op een glibberig kapitalistisch pad begeven.

Zo komt het dat ik al een paar dagen in Vientiane, de hoofdstad ben, en hier nog een paar dagen moet blijven om mijn paspoort terug te krijgen. Er is hier weinig te beleven, al is er een Viavia cafe, en een Belgisch cafe met een kuifje voor de deur. Gisteren een lokale disco ontdekt, vanavond wordt het feest!

donderdag, april 28, 2011

In tegenstelling tot wat me aangeraden was, ben ik in Vang Vieng in Laos beland. Voor zij die nog nooit van Vang Vieng gehoord hebben, het is tubing land. Het zal wel wat met mijn educationele achtergrond te maken hebben, maar ook tubing wordt in het vervolg van deze post uitgelegd.

Tubing is op een binnenband van een tractor, of iets met grote wielen, dobberen op een rivier. Die rivier is langs links en rechts afgezoomd met bars, waar een mens al eens iets drinkt. En waar een toerist op het einde van de vaart typisch ladderzat is. En dan spreek ik niet over zo'n klein laddertje waarmee je een raam kan wassen, maar over een ladder die gebruikt wordt door brandweermannen in een stad met hoogbouw.

Nu, onthecht aan wereldlijke zaken na bijna een jaar door de wereld te reizen als ik ben, ik heb hier nog niet getubed. Maar wie weet, dat komt er misschien nog eens van.

Laos is los van het constante timmeren en zagen en bouwen een super relaxed land, en in tegenstelling tot Thaise massages, wiens principes losjesweg gebaseerd zijn op de slagen en schoppen van een thai boxer op een tegenstander die geveld op de grond ligt, zijn Laos massages iets vriendelijker. En beer lao is gezond, lekker en goedkoop. Wat wenst een mens nog meer?

vrijdag, april 22, 2011

Druk, druk, druk, te druk om te bloggen.

Na Prachuat ben ik naar Bangkok getrokken, en daar was het nieuwjaar. Ze noemen dat daar Songkran, en dat wordt gevierd door gedurende 4 dagen water over mensen te gieten en schieten. Iedereen loopt er rond met een emmertje of een waterpistool, en het brengt geluk door je nat te laten maken. 2011 moet een goed jaar worden, ik was een paar keer kleddernat.

Nu ben ik in Changmai, waar ik net een 3daagse in de jungle achter de rug heb met mister Jungle himself. Je kon er naast de rat, slakken, palingen die verdacht veel op wormen geleken gelukkig ook heel lekker thai eten. Allerlei beestjes probeerden je te bijten, en dat is hen ook een paar keer serieus goed gelukt. Jeuk, jeuk, jeuk is mijn deel.

Ik blijf nog een dagje in Changmai, om morgen Laos binnen te duikelen. Op naar de tubing in Vang Vieng!

zaterdag, april 09, 2011

Prachuat Khiri Kan heet het plaatsje waar ik nu ben, en na hier een paar dagen te zijn, kan ik melden dat er twee keer niks te beleven valt. Maar dat was het plan, en wie heeft er avontuur en adrenaline nodig als je zon hebt. En strand. En zee. En geweldig lekker eten. En thai massages, die hardvochtig kunnen zijn, maar je o zo wankel en loom op je benen doen staan achteraf.

Thailand slingert je voor je het weet terug de jaren tachtig in. Een thaise baht is ongeveer 1 oude Belgische frank, en het is fijn om weer eens in franken te rekenen. Al die euro's, met getallen na de komma, geef toe, een verbetering op de frank is het niet. Mijn hotel kost 160 frank, eeuh baht, per nacht. Een coca op restaurant kost 10 frank. Een postkaartje met postzegel 20 frank. Een grote pint 50 frank. Een uur massage 150 frank, maar dan krijg je daar wel thee en garnaalballetjes bij. En mijn diarree, die is onbetaalbaar.

Foto's die trek ik niet meer, dat is allemaal te veel moeite geworden. Het is hier veel te warm om ook maar iets te doen. En je kan toch alles op dat internet bekijken.

Maar voor de visueel ingestelden kan ik wel nog een paar foto's uit Nieuw Zeeland tonen.



Al die zwarte stipjes op mijn tent zijn zandvliegen, de gesel van Nieuw Zeeland. Als je langs de westkust van het zuid eiland ergens voor 5 minuten stopt, heb je een meute van die zandvliegen rond je, alsof je de langverwachte zandvlieg heiland bent. Maori zeggen veel, en zeggen onder andere dat de mooiste plekken de meeste zandvliegjes hebben, zodat je er maar kort kunt blijven, en je de schoonheid meer apprecieert.



En ik heb mezelf op een beautiful stranger gestrapt, en hem mijn leven toevertrouwd. Dat was in Wanaka, wat een prachtige plaats is om een skydive te doen. Het is onnatuurlijk om uit een perfect vliegend vliegtuig te springen, maar ik heb het toch gedaan. Dat was wiiiiiiiiieeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeee!